Majestic

Majestic
Cinema / Theater
Carnotstraat 104

In januari 1925 opende de N.V. Gerex haar tweede cinemazaal, de Majestic, in de Carnotstraat. Orkestleider was J.A. Zwijsen. De cinemazaal werd enkele keren omgedoopt tot theater en sloot definitief de deuren in 1969.

Opening van de Cinema Majestic

Op zondag 18 januari 1925 zou “een vlieger” om 11 uur boven de stad vrijkaarten uitwerpen voor de “prachtvertooningen van den nieuwen Cinema MAJESTIC, Carnotstraat”.
Enkele dagen later, op 21 januari werd dan geopend voor de genodigden. Op donderdag 22 januari was het dan opening voor het publiek met “twee superproducties”: ‘Zijn Vaderland’ (The Silent Command, Amerikaanse film uit 1923) & ‘Hoot Gibson te Hollywood’.
De 25-jarige Antwerpse cinema-pianist J.A. Zwijsen stond hier voor zijn debuut als cinema-dirigent. Maar de bazen waren tevreden. Zwijsen bleef hier jarenlang orkestleider en ook de eerste perscommentaren vielen mee: 
Een fijn gestyleerd orkest van 20 muzikanten, onder de leiding van den heer Zwysen onderlijnde de handeling met aangename en welaangepaste muziek.
De Nieuwe Gazet, 22 januari 1925

Drukke eerste weken

Karnaval stond voor de deur en daarvoor dirigeerde J.A. Zwijsen een ‘dubbel orkest’ tijdens de vier grote bals van 21 tot 24 februari. Het orkest bestond nu uit 40 à 50 muzikanten. 
Een week later werd een nieuw ‘monsterorgel’ ingehuldigd (in feite een orchestrion) van de Parijse firma ‘Gaudin en Co’, verlicht ‘met duizenden gloeilampjes’. De film die werd vertoond heette ‘Vrijheidsliefde’.

Het orkest

In Majestic bestond het orkest gewoonlijk uit een twintigtal muzikanten. Voor grotere producties werd het orkest verdubbeld of werden koren, zangers en andere solisten ingehuurd. De orkestleider (muziekbestuurder) stelde een compilatie vast van te spelen stukken, componeerde af en toe zelf een stukje begeleidende muziek, zorgde voor de arrangementen, speelde de partituren als die werden meegeleverd met de film. Het succes van de film hing samen met de manier waarop het orkest de handeling wist te onderstrepen.

Het aantal orkestleden in full-time vaste dienst lag meestal lager: op 1 januari 1926 werkten er in Majestic 12. Zij verzorgden 7 avondvertoningen en twee namiddagdiensten per week. Alle vertoningen werden begeleid met orkest.

In 1929 ging Zwijsen dirigeren in de andere cinema van de N.V. Gerex, de Coliseum aan de Meir. In Majestic werd het orkest overgenomen door Jules Falck.
Falck dirigeerde het orkest ook in de week van 17 tot 23 mei 1929 voor de film ‘Het zusterke der armen‘ (La Petite Soeur des Pauvres, Franse film uit 1929) waarbij J.A. Zwijsen begeleidende muziek had geschreven voor de vertoningen in het begin van de maand in cinema Coliseum. Medewerking voor deze vertoning werd ook in Majestic verleend door Mw. De Rooy-Waroquiers als soliste en het gemengd koor Artes.

Met het oog op het invoeren van de geluidsfilm werden de orkesten in de Antwerpse cinema’s opgezegd tegen 1 november 1929. In Majestic en andere bioscopen ging men voort met het muzikaal begeleiden van de films met platen. Wanneer de andere bioscopen op 28 maart 1930 definitief overschakelden op het vertonen van geluidsfilms, werd de zaal Majestic verhuurd aan Rik Senten die hier zijn revue ’t Is gebakken zou presenteren.

Perscommentaren

Af en toe gaf de pers commentaar op het orkest en de muzikale begeleiding van de film.

De 4 ruiters van den Apocalypse
(The Four Horsemen of the Apocalypse, Canadese film uit 1921)
Vertoond in juni 1925

De orkestmeester J.A. Zwyzen verdient besten lof voor zijn gelukkige muzikale aanpassing.
De Nieuwe Gazet 20 juni 1925

Het teeken des doods (Der Todesreigen, Duitse film uit 1922)
& Wanneer het onweer woedt (The Thunderbolt, Amerikaanse film uit 1919)
Vertoond in juni 1925

De orkestmeester Zwijsen weet met goeden smaak de aanpassende muziek te kiezen.
De Schelde 30 juni 1925

De Doodstrijd van Jeruzalem (L’agonie de Jérusalem, Franse film uit 1926)
Vertoond in oktober 1926

De orkestleider heer Zwijsen zorgde voor muziek, die zich voortreffelijk aanpast bij de verschillende tragische en aandoenlijke tafereelen. Mevr. De Ceulaerde begeleidt met zang, waarin haar heldere stem diep gevoel doortrillen doet.
De Schelde 25 oktober 1926

De Schaakspeler (Le joueur d’échecs, Franse film uit 1927)
Vertoond in oktober 1927

De schoonheid van den film wordt verhoogd door de begeleiding van zang en dubbel orkest onder de vaardige leiding van den heer J.A. Zwijsen.
De Schelde 17 oktober 1927

Weener-Wals
& Landverhuizer (Charlie Chaplin)
Vertoond in januari 1928

De heer A. Zwijsen heeft gezorgd voor een meeslepende muziek, die dat fijn filmspel nog in waarde verhoogt.
De Schelde 30 januari 1928

Twee intermezzi: De Majestic als theater

april – juni 1930

Terwijl de voornaamste Antwerpse bioscopen einde maart 1930 overschakelden op het vertonen van geluidsfilms, kwam de Majestic onder het bestuur van Jan Leenaerts en Rik Senten. Er werden grote veranderingswerken uitgevoerd, waardoor Antwerpen ‘eindelijk een internationaal eerste-rang Music-Hall [zal] bezitten, waarvan in heel belgië het gelijke niet zal te vinden zijn.De Wereldtentoonstelling in Antwerpen kwam inderdaad in zicht, en men wilde aan het internationale publiek een goede indruk geven.

Op 4 april 1930 zette Rik Senten het zomerseizoen in met zijn revue ’t Is gebakken. Het orkest stond onder leiding van Lode Van de Velde. Maar na de opening van de Wereldtentonstelling op 26 april, werden de vertoningen enkele dagen later plots stopgezet. De directie van Hippodroom, Demeuse en Wijnans, namen het huurcontract en de aangegane verbintenissen over. Maar ook zij moesten vanweg de geringe belangstelling de vertoningen stopzetten. Men engageerde nog een operettengezelschap en een theatergezelschap, maar de concurrentie van de Wereldtentoonstelling liet de schouwburg geen kans op succes. 

Opnieuw cinema vanaf juni 1930 

Op vrijdag 20 juni 1930 wordt dan de ‘Kinema “Majestic”‘ heropend met de film ‘De Cirkus’ met Charlie Chaplin.

Te vermelden valt dat men hier onder andere ook de verkiezing van Miss België organiseerde in september 1931.
Enkele jaren later organiseerde Jan Vanderheyden een groot evenement in Majestic om een hoofdrol te vinden voor zijn speelfilm ‘De Witte’. Jef Bruyninckx won en hij en enkele andere jongens werden in april 1934 uitverkozen om een rol te spelen in deze film. De film ging in première in cinema Coliseum, maar werd hier in de Majestic ook al vertoond vanaf vrijdag 16 november 1934. Het ging om de eerste Vlaamse toonfilm.

Na de ‘meidagen’ in 1940 heropende cinema Majestic al in juni. Maar begin september werd de zaal getroffen door bommen. Er werd bij de opruimingswerken nog een onontplofte bom ontdekt, dus uiteindelijk kon men pas op 18 oktober 1940 heropenen.

mei 1942 – december 1946

In mei 1942 opende de Majestic als operettentheater. Zoals gebruikelijk was, werd een operettenseizoen geopend met een revue, ditmaal ‘Kunde ’t niet passen!‘. Regisseur was Jef Van Pelt en orkestleider Lode Van de Velde.

Na de Wapenstilstand volgde de revue ‘Victorie‘, met alle bekende revueartiesten van die dagen en met de muziekaanpassing van Van de Velde. De laatste operettenvoorstelling vond plaats op 30 december 1946: ‘Walsdroom‘. Hiermee verdween “het laatste operettengezelschap dat in Antwerpen nog bestond.”

Na een grondige heropknapping heropende de Ciné Majestic in maart 1947. 

Het einde van cinema Majestic

Theaters en verenigingen te gast

Het einde van de jaren 1950 luidde ook het einde van de cinema Majestic in. De zaal stond nu ter beschikking ‘voor het geven uwer feesten, concerten, kunstavonden, revues, bonte avonden, operetten, enz.!!!’ (advertentie van de N.V. Gerex in januari 1955). Daar werd ruimschoots gebruik van gemaakt.

Enkele ‘instituten’ vonden er ook een tijdelijk onderkomen:

  • Tussen maart 1958 en oktober 1960 speelde de Philharmonie van Antwerpen haar concerten in de Majestic, vanwege de sluiting van de zaal van de Koninklijke Maatschappij voor Dierkunde. J.A. Zwijsen was toen orkestregisseur en spelend lid van de Philharmonie, dus de zaal was hem vertrouwd.
  • Ook in 1958 week het Jeugdtheater uit naar de zaal Majestic. Het seizoen 1959-1960 werd gespeeld in het Kunstverbond in de Arenbergstraat, maar vanaf september 1960 verhuisde men opnieuw naar de Majestic.
    De toondichter-pianist voor het Jeugdtheater was Peter Welffens. Vanwege ziekte moest hij in december-januari 1961 al eens vervangen worden, en langs deze weg kwam Zwijsen ook nog even in zijn vertrouwde zaal. Het Jeugdtheater week in 1969 uit naar de Bourlaschouwburg.

De slotvoorstelling

‘Het Land van de Glimlach’ van Franz Lehar.
Deze operette van Lehar voerden De Gildebarden op 30 maart 1969 op als slotvoorstelling in de feestzaal Majestic in de Carnotstraat 90.
De voorzitter van het Algemeen Katholiek Vlaams Toneelverbond en Antwerps schepen Jos Posson hield er een toespraak en dankte het personeel van de Majestic voor de medewerking, want deze operette was de laatste uitvoering in de Majestic.

Bronnen:

Eerste versie 25 januari 2021
Laatste aanpassing: