Hippodroom

Eerste versie
5 dec 2003

De Hippodroom
Leopold de Waelstraat
1903 – 1930

Samen met andere theaters speelde de Hippodroom een grote rol in Antwerpen tussen de twee wereldoorlogen. De Hippodroom opende in april 1903. Alle vormen van amusement kwamen er aan bod: circus- en variétéoptredens, boksmatchen, volkstheater, revues en operetten, zelfs opera. De schouwburg was gevestigd tegenover het Museum voor Schone Kunsten aan de Leopold de Waelplaats in Antwerpen. Het was decennialang een trekpleister voor het publiek aan het Zuid. De Hippodroom sloot zijn deuren in 1958, waarna het gebouw verkommerde tot het werd afgebroken in 1972. Momenteel staat er een fraai wooncomplex.

1901-1903 – de opbouw van ‘de nieuwe cirk’ aka Hippodroom

Het initiatief voor het oprichten van de Hippodroom kwam van de Antwerpse beeldhouwer-ornamenteur Joseph Charles Verstappen. Op 18 maart 1901 had hij samen met de scheepsbouwer Van Boxelaer en François Verstappen een grond van de stad aangekocht aan de Volksplaats. Op 16 september 1901 vroeg hij toelating aan de stad Antwerpen voor het bouwen van een “circus met dertig woningen” op de Leopold de Waelplaats, een bouwaanvraag die een maand later werd goedgekeurd.
Het bouwen van vaste circussen was destijds geen uitzondering. Ook de combinatie van een reizend circus met een hippodroom dook regelmatig op, net zoals het brandgevaar dat daaraan was verbonden trouwens. In 1899 was nog een circusconstructie afgebrand op het Zuid en in 1900 was het de beurt aan de cirkschouwburg van de Jezusstraat. Ook de Hippodroom zelf zou er later niet aan ontsnappen.

Circus op het Zuid. Circussen vestigden zich in die periode wel meermaals op het Zuid. In juni 1899 deed zich een “schrikkelijke brandramp voor op de foor”. De grote houten circusconstructie van August Bovyn, opgesteld op het einde van de toenmalige Zuiderlei en in die periode bespeeld door het circus van Rodolphe Guillaume, brandde af tot op de grond, samen met een aanpalende hippodroom. Ook nabijgelegen herbergen ontsnapten niet aan deze ramp.

De vaste cirkschouwburg van de Jezusstraat. Met de cirque-Carré opende op 30 september 1878 de cirkschouwburg in de Jezusstraat 32, opgericht door de katholieke volksvertegenwoordiger ondernemer en politicus Jaak Van den Bemden (1828-1900). Het gebouw was onder andere bedoeld als alternatief voor de voor brand vatbare houten circusbarakken. Ironisch genoeg brandde de cirk van de Jezusstraat zelf af in de nacht van 6 mei 1900.

In januari 1902 is men al aan het bouwen aan wat “de nieuwe cirk” moet worden tegenover het Museum op het Zuid. Het werk vorderde snel en in juni 1902 werd het gebouw afgewerkt. Diezelfde maand werd ook officieel de N.V. Hippodroom-Paleis – of S.A. Palais de l’Hippodrome – opgericht met Joseph Verstappen als afgevaardigd-bestuurder. Het doel van de onderneming was: “het uitbaten en verhuren van eenen circus, hippodrome, schouwburg, bal-, feest- en tentoonstellingszalen en aangelegen burgers-, winkel- en koffiehuizen.” Op de uitbatingsvergunning was het daarna nog wel wat maanden wachten. 

De nieuwe cirk. De Hippodroom zou in de volksmond aanvankelijk “de cirk” worden genoemd, naar verluid vanwege het opmerkelijke optreden bij de opening van het circus De Kock, en de vele andere circussen die er tijdelijk hun nummers vertoonden in de eerste jaren na de oprichting. De schouwburg stond ook zo bekend als de ‘cirkschouwburg’. De benaming werd nochtans al eerder gebruikt, nog voor de opening, en meer bepaald werd naar de bouwwerf verwezen als naar “de nieuwe cirk”, wat me eerder doet denken aan de nog maar kortelings afgebrande cirkschouwburg van de Jezusstraat.

1903-1907 – Cirk en variété en vroege film

Voor de opening van het Hippodroompaleis werd de spits afgebeten door de Royal Sport Hippique, die gewoonlijk haar jaarlijkse ruiterfeesten hield in de voormalige cirkschouwburg in de Jezusstraat. Op 4 april 1903 namen zij als eerste de Hippodroom in gebruik met een “groot rijfeest” ten voordele van de pensioenkas van de Belgische drukpers. Een week later startten dan de voorstellingen van het circus van Hubert De Kock en die zouden lopen tot einde juli, het einde ook van het eerste seizoen in de Hippodroom.

In de daaropvolgende seizoenen bleven regelmatig de circussen en het variété aan bod komen. Reeds kort na de opening programmeerde toenmalig directeur Alphonse De Gunst ook korte filmpjes als onderdeel van de variétéspektakels.
Naast de gedresseerde honden en acrobatennummers kon men er ook genieten van het orkest van Henri Tokkie. Tokkie kwam als orkestleider over van het Scalatheater en zou aan de Hippodroom verbonden blijven tot de Hippodroom werd verhuurd als Volkstheater aan het einde van het seizoen 1906-1907.

Film. De technologie was nog in volle ontwikkeling, maar vanaf 1907 heeft De Gunst de toestemming om op meer permanente basis films te draaien. Daarmee was de Hippodroom een van de eerste plekken in Antwerpen waar men kon kennis maken met dit nieuwe fenomeen. Van mei tot augustus 1907 was de reizende filmexploitatie Cinema Géant te gast in de Hippodroom.

Tokkie en Tietz. Ter gelegenheid van de verjaringsfeesten in april 1904, 1906 en 1907 van het huis Leonhard Tietz (geopend op 27 april 1899 op de Melkmarkt) verzorgde het orkest van de Hippodroom de wandelconcerten. Daarbij kon dirigent Tokkie ook enkele van zijn eigen composities uitvoeren, zoals: Tietz for ever, een marche; Beyaerd, een potpourri; 1907, een ‘volks-openingsstuk’.

Last Updated on 14 juni 2021 by Erik Zwysen