Palatinat

Zaal Rubens (1877-1910)
Theater Palatinat (1910-1918)
Cinema Palatinat (1918-1929)
Lunatheater (1929-1933)

Palatinat
Carnotstraat 22

Het Palatinat-theater opende in juni 1910 als music-hall in het voormalige (eerste) Rubenspaleis, een zalencomplex dat al sinds augustus 1877 bestond. Voor de Eerste Wereldoorlog programmeerde het bestuur van Palatinat onder leiding van de heer Leon Textoris vooral cinema en variété. Er was ook een biljartzaal aan verbonden.

Palatinat als operettentheater

Tijdens de Eerste Wereldoorlog transformeerde theater Palatinat tot operettetheater. Toenmalige directeur van het theater, Gustaaf Verschueren, organiseerde van maart tot mei 1915 een ‘Prijskamp voor Zang-, Blij- en Tooneelspelen‘. Verschillende groepen traden in wekelijkse beurten op, en naar het schijnt stelde Verschueren zo zijn operettegezelschap samen.
Orkestleider tijdens de oorlogsjaren was Jules Falck. Rézy Venus was de prima donna. Ook revue maakte deel uit van een operetteseizoen en met de tweede revue van Rik Senten en Fatum, de Dop-revue, in juli en augustus 1915, was Palatinat gelanceerd als operettetheater. 

Debuut van Nini De Boël

In mei 1916 debuteerde hier Nini de Boël, die in het interbellum zal uitgroeien tot de meest gevierde operette-artiste. De Boël speelde een rolletje in de operette De musketiers in ’t klooster onder regie van Fé Derickx. De operette werd hier voor de eerste keer in het Nederlands – de Vlaamse bewerking was van Louis (Lode) Krinkels –  opgevoerd.

Het Tooneel,
13 mei 1916.

De vertoningen van De Musketiers in ’t klooster startten op 6 mei 1916 in Palatinat.

“Eene nieuwelinge: juffer De Boël, een heel snoezig ding, zooals ze in Holland zeggen, heeft wel een zwak, maar toch aangenaam stemmetje, dat met den tijd in kracht wel zal winnen. Haar spel als debutante was begrijpelijker wijze nog niet onbevangen, maar dat zal wel beteren. Haar aria in het tweede bedrijf, wist zij met gevoel voor te dragen.”

Een nieuwe bioscoop

Na de Eerste Wereldoorlog huurde Henry Dirks de zaal en maakte er een bioscoop van die dan vanaf mei 1918 films bracht en variéténummers. Dirks exploiteerde ook al de cinemazalen Odeon, Alhambra en Prins Albert. De laatste filmvertoningen in Palatinat vonden plaats in 1929.

Palatinat wordt het Lunatheater

In september 1929 begon Ernest Kindermans met de exploitatie van de Palatinat als operettentheater. Hij herdoopte de zaal tot Lunatheater. Onder zijn bestuur werden operetten, lichtere zangspelen en volkse kluchten opgevoerd.


Eerste versie 6 jul 2011
laatste aanpassing :