Nieuw Lunatheater

Voorheen El Bardo
Vanaf september 1934:
Nieuw Lunatheater 

Nieuw Lunatheater
Sint Jacobsmarkt 91

Sinds het seizoen 1932-1933 was er in het theater El Bardo geen constante revue- of operette-uitbating meer geweest.
Jaak Gorissen startte in september 1934 met een nieuwe uitbating voor operettes, revues, zangspelen en volksstukken. Op dat ogenblik was er enkel nog in de Scala een operettegezelschap aan het werk.  In december 1934 moest men de uitbating echter al stopzetten. De artiesten speelden nog enkele weken verder in consortium, maar in januari 1935 viel het doek definitief.
Van 1935 tot 1939 was er geen vast gezelschap aan het theater verbonden. Het Nieuw Lunatheater werd verhuurd aan diverse verenigingen en toneelmaatschappijen.
Tussen oktober 1939 en maart 1940 werden enkele revues gegeven waaraan J.A. Zwijsen meewerkte. De gebroeders Van Pelt organiseerden daarna nog enkele voorstellingen, maar in mei begon de Tweede Wereldoorlog. 

De nieuwe Luna van Jaak Gorissen
september – december 1934

In september 1934 bracht Jaak Gorissen een beperkt gezelschap samen om El Bardo opniew uit te baten als operettentheater. Gorissen was “jeune-premier” geweest in het vroegere Lunatheater en noemde zijn onderneming het “Nieuwe Lunatheater”, verwijzend naar zijn vroegere werkplek en met de ambitie heraan te knopen bij die traditie. Hij nam zich voor in dit eerste seizoen een dertigtal operetten, blijspelen met zang, volksstukken en revues te brengen. Het seizoen werd voortijdig afgebroken begin december 1934.

Medewerkers

Spelende leden van het vast gezelschap : Jaak Gorissen, Jef Van Pelt, Willy Van Hemelrijck, Constant De Vuyst, Door Van den Berghe, Gust Meyers, Ria Donnay (Mw. Jacobs, die hier debuteert op het toneel), Grietje Mertens, Eugénie Krickx, Elsa Verbaenen.
Gastspelers : Robert Marcel en Armand Franck.
Regisseur : Jef Van Pelt, die zelf ook optrad als spelend lid.
Muziekbewerking en orkestleiding : Frans Cauwenberghs.
Balletten
: onder leiding van Mitchy Janssens.

Het programma

    • Het theater opende op 21 september met de operette Drie arme kleine meisjes op muziek van Walter Kollo, gevolgd door Rossi de Zigeuner, ook wel De Blonde Zigeuner genoemd, op muziek van Marten Knopf.
    • Volgden dan enkele stukken van eigen bodem. Het bekende zangspel Pelagie van W. Pouillon op muziek van Frederickx, werd gevolgd door de bekende operette Tangolita, op muziek van E. Beeckman. Hier trad Lizzy Janssens op in de hoofdrol als de danseres Tangolita. Daarna volgde het zangspel Rare Marus, eveneens van Pouillon en Frederickx.
    • De volgende drie operetten zouden de laatste blijken te zijn. Fritzi op muziek van Siegwart Ehrlich, Tobias Krack op muziek van V. Hollaender en tenslotte De Naakte Eva op muziek van Fritz Byjacco.
    • Vanaf 16 november volgde dan nog de revue We zen nog nie oep van Fik Duiten. Maar ook hiermee kon men het tij niet keren. De onderneming liep spaak vanwege gebrek aan belangstelling. Op maandag 2 december vond de laatste vertoning plaats. Het “Luna-theater is op!” schreef Het Tooneel.

Het consortium der artisten
december 1934 – januari 1935

Onder de vleugels van het Spektakelverbond van Antwerpen trachtten de artiesten in december 1939 de draad weer op te nemen. Helaas bleef de belangstelling van het publiek zeer matig, waardoor het seizoen voor de tweede maal moest stopgezet worden. De laatste vertoning vond plaats op maandag 7 januari 1935.

  • Men begon met de operette De Kuissche Suzanna van Jean Gilbert, gevolgd door De Dollarprinses van Leo Fall en tenslotte afgesloten met De Laatste Wals van Oscar Strauss begin januari.
  • Een van de deelnemende vedetten was Nini de Boël.
  • Het orkest bleef onder leiding van Frans Cauwenberghs en Jef Van Pelt verzorgde verder de regie.

Revues met J.A. Zwijsen
oktober 1939 – april 1940

Johan Zwijsen werd einde 1939 aangetrokken voor het Nieuw Luna-theater op de Sint Jacobsmarkt en dirigeerde en bewerkte daar in 1939-1940 nog enkele revues onder het bestuur van Arnold Frank.

Houd Uwen Bebbel

Deze revue van Arnold Frank zelf, liep vanaf zaterdag 7 oktober 1939 met onder anderen de revuevedetten Nini de Boël, Pol Polus en Co Flower. Op 1 november ging de 25ste vertoning.
Sketches. Veel sketches speelden natuurlijk in op de actualiteit, zoals : Suiker en Mobilisatie, Peer en Flup gemobiliseerd, Zakskes Zand en Blauw Licht, de Khaki Serenade, Wij zijn neutraal, Heil! Koning Leopold, enz..
Muziek en dans. De dansen werden geregeld door de Hippodrome Girls onder leiding van Henriette Janssens, die ook voordien al voor Rik Senten werkte. De muziek van deze revue was van Hans Flower, Gust Rombouts e.a.. Zwijsen had de algemene muzikale leiding.

Ne Klepper van ’t Kantje

Vanaf 11 november volgde deze zogenaamde ‘operet-revue’ van Arnold Frank. Naast Zwijsen werkt hier ook de pianist Frans Cauwenberghs aan mee.

Na Gaan we Lache!

Deze zogenaamde ‘Schlager Cabaret-Revue’ van Jean Arnold begon op 25 november. 
In de namiddag liept ondertussen de jeugdrevue ‘As ’t mor waar is’.

Mokt u niet dik

Deze revue van Arnold Frank liep vanaf 6 januari 1940.
Ook hier traden de revueartiesten Pol Polus, Armand Franck, Co Flower, Nandje Buyl en Louis Staal op. De Luna Girls stonden dit keer onder leiding van hun sterdanseres Marthy. 

Het Tooneel, 13 januari 1940 :

“Als muzikale animator kon de heer Zwijsen, die zich tot een specialist in het revuevak heeft opgewerkt, deze cabaretrevue kruiden met de meest populaire schlager-liederen van den dag, waardoor “Mokt u niet dik!” geweldig aan bijval moest winnen.”

Peer de Koster

Dit is geen revue, maar een ‘lachparodie’ van Willem Pouillon. Zwijsen zorgde voor de muziekaanpassing. De regie was in handen van Jean Arnold en de balletten stonden onder leiding van Henriette Janssens. In dit stuk traden ook Charlotte Noterman en Co Flower op.

Laat ze zagen

Deze revue van Jean Arnold startte op 9 maart. Als vedette werd de Gentse zangeres Helene Marechal aangekondigd. Verdere rollen waren weggelegd voor Charlotte Noterman, Co Flower, Lia Lee en Maria De Potter. Als mannelijke vedetten traden op Pol Polus, Louis Staal, Robert Dervil, René Laforce, Henri De Backer. De balletten werden verzorgd door H.Janssens.

Pelagie

Opnieuw een volksstuk van W.Pouillon op het programma waaraan Zwijsen meewerkte.

Gebroeders Van Pelt
april 1940

Jef en Theo Van Pelt waagden op hun beurt om het theater nieuw leven in te blazen. De klucht Kwatta-soldaten werd gerpogrammeerd vanaf zaterdag 27 april, maar ze hield het waarschijnlijk maar enkele vertoningen vol. Naast de gebroeders Van Pelt traden in het gezelschap nog op in de voornaamste rollen : Mitje Peenen, Armand Franck, Hilda ’t Seyen, Nini Smitz, Eliza Janssens en Willem Jonkers.

Eerste versie 9 mei 2018
Laatste aanpassing :