El Bardo

werd vanaf september 1934 :
Nieuw Lunatheater

Operettetheater El Bardo
Sint-Jacobsmarkt 93

El Bardo opende in 1881 en werd sindsdien verhuurd aan allerlei verenigingen en toneelmaatschappijen. Tussen 1928 en 1933 functioneerde de zaal vooral als operettetheater. Na de sluiting van de Prado-schouwburg kwam het gezelschap in februari 1928 El Bardo bespelen. In september 1928 ging Charlotte Noterman verder op dit élan en startte met een ambitieus operettegezelschap. De onderneming zou het volhouden tot april 1931, waarna de artiesten nog een tijdlang in consortium doorspeelden. Vanaf september 1931 opende Ernest Verrijck zijn ‘Theater van den Lach’ in El Bardo. Dit duurde ook maar een seizoen. Daarna probeerden nog enkele operettegezelschappen een seizoen vol te maken maar het lukte niet meer. In feite is er in het seizoen 1933-1934 geen operette- of revue-uitbating meer. 

Consortium van Artisten (Prado)
februari – mei 1928

Vanaf februari 1928 werd de zaal verhuurd aan het Consortium van Artisten die overkwamen van de Prado-schouwburg, onder leiding van mevrouw Charlotte Noterman. El Bardo was nu een operettetheater.

Programma

  • De vertoningen van het Consortium in El Bardo begonnen op zaterdag 4 februari met de opvoering van de operette Madame de Pompadour op muziek van Leo Fall.
  • Als Vlaamse operette werd vanaf 22 februari Sepp’l opgevoerd op muziek van Emiel Hullebroeck. 
  • Het gezelschap trad af en toe ook op buiten de stad, onder anderes in Sint Niklaas, Aalst, Turnhout.
  • Op donderdag 3 mei sloot men het seizoen af met een gala-avond. De laatste operette die werd opgevoerd was De Kuische Suzanna op muziek van Jean Gilbert.

Belangrijkste medewerkers

  • Acteurs en actrices : Nini de Boël, Armand Franck, Rene Bertal, Jef Van Pelt.
  • Regie werd gevoerd door Jef Van Pelt.
  • Orkest. Tot april stond het orkest nog onder leiding van Henri Kennes. Toen deze in april 1928 dirigent werd in cinema Odeon, werd hij voorlopig vervangen door Lode Van de Velde.

Operettegezelschap Noterman
september 1928 – april 1931

seizoen 1928 – 1929

Programma

  • Men opende op zondag 23 september met de operette Gravin Maritza op muziek van Emmerich Kalman. Met diezelfde operette werd het seizoen op 15 april 1929 ook afgesloten.
  • In dit eerste seizoen werd elke week een andere operette gespeeld, waaronder opnieuw het zangspel Sepp’l op muziek van Emiel Hullebroeck. Ook zijn Cupido Dictator kwam er op de planken.
  • Regelmatig trad men op in andere provinciesteden, onder andere in Kapellen, Temse, Sint Niklaas, Turnhout.

Belangrijkste medewerkers

  • Orkest. Vaste dirigent werd Lode Van de Velde, die overkwam van het Hippodroomorkest. Orkestmeester was de eerste violist L. Torfs en koorrepetent was C. Weltjens. Orkest en koor waren elk 16 man sterk.
  • Ballet. Het ballet bestond uit zes ballerina’s. De leiding van het balletkorps met eerste danseres Mej. Marthy berustte bij Mevrouw Olga Euler.
  • Acteurs. De belangrijkste acteurs en actrices waren : Nini De Boël, Carlo Peeters, Maria Peenen, Hilda Landenne en Jeanne Roosen; Arm.Franck, Flor Van den Bosch, René Bertal, Fr.Van Rooy, Willy Calvelly, John Van de Vorde en Serre Van Eeckhout
  • Regie. Mevrouw Noterman en René Bertal wisselden elkaar af als regisseur. 

seizoen 1929 – 1930

In september 1929 startte een nieuw operettenseizoen onder het bestuur van het driemanschap Charlotte Noterman, Lode Van de Velde en Jef Van Pelt, die ook de regie op zich zou nemen.

Programma

  • Op zaterdag 14 september opende men het seizoen met de operette Frasquita van Franz Lehar.
  • In februari 1930 werd Lode Van de Velde in El Bardo gevierd voor zijn 20-jarige carrière als ‘orkestmeester’.
  • In maart creëerde het gezelschap De Meiman, een zangspel op tekst van Jos Janssen en muziek van Juliaan Van Boterdael. Het is de enige creatie van een Vlaams werk dit seizoen. De toondichter dirigeerde zelf de première opz aterdag 8 maart 1930.
  • Het winterseizoen ging op 12 april de laatste week in met Het Hollandsch Wijfje, op muziek van Emmerich Kalman. Als slotvertoning greep men op donderdag 17 april terug naar De Bommelbaron, operette op muziek van Walter Kollo.
  • Het vrijgekomen gezelschap werd daarna aangeworven om in de Hippodroom enkele operetten uit te voeren, maar daar kwam uiteindelijk niets van in huis. Begin mei begon in Antwerpen de wereldtentoonstelling en de theaters waren noodgedwongen te sluiten omdat er geen volk meer opdaagde.

Belangrijkste medewerkers

  • Orkest. In april 1930 ging Van de Velde dirigeren voor de revue van Rik Senten in de zaal Majestic. Ex-dirigent van cinema Roxy Tony Vaes nam het dirigeerstokje over tot het einde van het winterseizoen op 17 april.
  • Regie. Jef Van Pelt.

seizoen 1930 – 1931

De speeldagen bleven zoals voorheen : zaterdag, zondag (middag en avond), woensdag en donderdag. Maandag en dinsdag werden vertoningengegeven in de provincie.

Belangrijkste medewerkers

  • Orkestleiding : Lode Van de Velde.
  • Dames :  Nini de Boël, Hilda Landenne, Maria Peenen, Charlotte de Troch, Henriette De Wachter.
  • Heren : H.Gijsen (eerste tenor), Robert Marcel, René Bertal, Eric Lundt, Piet Asselberghs, Julsam, Serre Van Eeckhout en Ch.Van Dessel.
  • Ballet. Het balletkorps stond onder de  leiding van mevr. Olga Euler en bestond uit 6 ‘girls’
  • Regie : René Bertal en Robert Marcel. Fé Pasmans werd aangeworven als toneelmeester.

Eerste versie 6 jul 2011
laatste aanpassing :