Van ’s Hertogenbosch naar Antwerpen

De familie Zwijsen – Smulders

Molenaar Henricus Zwijsen (1829-1901) is een van de zonen van Cornelis Zwijsen en Joanna Spierings. Hij was gehuwd met Antonetta Smulders (1831-1878).

Antonius Zwijsen


 

Op 30 april 1867 werd in ’s Hertogenbosch Antonius Zwijsen geboren als vierde kind in het molenaarsgezin van de toen 37-jarige Hendrikus Zwijsen (Berlicum 1928 – Drunen 1901) en de 36-jarige Antonetta Smulders. Op vrijdag 6 of zaterdag 7 september 1878 overleed Antonetta Smulders, 47 jaar, in haar woning in ’s Hertogenbosch bij de geboorte van een levenloos gebleven dochter. Antonius is dan 11 jaar oud. Vader Hendrikus Zwijsen bleef achter met 6 kinderen tussen 4 en 19 jaar oud, allen geboren in ‘s Hertogenbosch :  Cornelis Johannes, 19 jaar; Johannes Antonius, 18 jaar; Johanna Christina, 15 jaar; Antonius, 11 jaar; Henri Joseph, 9 jaar; Adrianus, 4 jaar.

In juli 1888 kwam de toen twintigjarige Antonius naar Antwerpen, waar hij aanvankelijk ging inwonen bij het gezin van zijn kozijn Cornelius Zwijsen en diens vrouw Maria Nefkens in de Provinciestraat. In 1890 woonde hij met zijn oudere broer Jan Zwijsen op de Sint Jacobsmarkt. Daar woonden ook de boekhandelaar Gerard Nahon en zijn broer Cornelius Nahon. Antonius stond nu ingeschreven als schildersgast, schilder of huisschilder. Alleszins maakte hij ook schilderijen waarvan we er helaas maar enkele hebben kunnen terugvinden (eentje zie je hiernaast).

Op 9 januari 1892 trouwde Antonius Zwijsen met Maria Elisabeth Van der Seelen uit Turnhout. Vader Henricus Zwijsen gaf via de notaris vanuit Hilversum zijn toestemming. Enkele maanden later werd hun eerste dochter geboren.
In juli 1892 was Antonius Zwijsen getuige op het huwelijk van Gerard Nahon en Juliane Gysemans, de ouders van Alice Nahon. Verschillende teksten van Alice Nahon werden later trouwens op muziek gezet door J.A. Zwijsen.
Daarna volgde een periode van veelvuldig verhuizen binnen het Antwerpse en veel stielen. Het gezin had het niet breed en vader Antonius trachtte ook bij te verdienen met een sigarenhandel. Op een bepaald ogenblik baatte Antonius ook een kosthuis uit en een tijdlang is hij ‘geldophaler’.
In september 1921 kocht Antoon Zwijsen een huis in de Statielei in Mortsel waar hij een beeldenwinkel begon. Hij richtte er ook een werkhuisje in om verder te kunnen schilderen. Daar werd hij al vrij snel slachtoffer van kanker en de radiumbestraling, nog heel experimenteel in België, liep faliekant af. Op 17 september 1923 overleed hij na een langdurige ziekte.

Broers en zussen


 

Cornelis Johannes Zwijsen

’s Hertogenbosch 1858 – Rosmalen 1930

De oudste zoon van dit gezin Zwijsen-Smulders was Cornelis Johannes Zwijsen. ‘Heeroom’ zoals hij hier genoemd werd, was priesterlid van de door Mgr. Zwijsen gestichte Congregatie van de Fraters te Tilburg. Hij was missionaris op Curaçao, een tijdlang hoofdredacteur van ‘De Tijd’ en rector van het psychiatrisch ziekenhuis ‘Coudewater’ in Rosmalen.

Johannes Antonius Zwijsen

’s Hertogenbosch 1860 – Turnhout 1936

De tweede zoon, Jan Zwijsen, officieel Johannes Antonius, kwam in september 1885 aan in Antwerpen, waarschijnlijk met zijn nonkel Lambertus Zwijsen. Ze woonden enige tijd samen op het adres Lange Beeldekensstraat 95 in Antwerpen en net als zijn nonkel gaf hij als beroep ‘boucher’ op.
In 1890 woonde hij met zijn jongere broer Antonius Zwijsen op de Sint Jacobsmarkt. Daar woonden ook de boekhandelaar Gerard Nahon (vader van Alice Nahon) en diens broer Cornelius Nahon. Jan Zwijsen werkte nu als ‘klerk’. Hij verbleef hier waarschijnlijk tot aan zijn huwelijk in juni 1891 in ’s Hertogenbosch met Cornelia Jansen (’s Hertogenbosch 1858 – ’s Hertogenbosch 1896).
Na het overlijden van Cornelia huwde Jan Zwijsen in Hilversum met Constantia Hanssen (Amsterdam 1866 – Boechout 1925).
Het gezin kwam in maart 1907 terug naar België en vestigde zich na een kort verblijf in Antwerpen in Boechout. Daar werd Zwijsen vanaf augustus 1907 tot in 1921 de eerste herbergier van het ‘Vlaamsch Koffiehuis’.
Na het overlijden van zijn vrouw keerde hij in 1928 terug naar Antwerpen.

Henri Zwijsen

’s Hertogenbosch 1869 – Mortsel 1937

Ook Antonius’ jongere broer, Henri Zwijsen, kwam in 1886 naar België en vestigde zich met zijn echtgenote Maria Gosseye (Geraardsbergen 1861 – Mortsel 1941) aanvankelijk in Geraardsbergen, later in Mortsel.
Een van de zonen van dit gezin Zwijsen-Gosseye, Lucien (Geraardsbergen 1896 – Antwerpen 1945), huwde met zijn nicht Clementine Zwijsen. Lucien stierf samen met zijn oudste zoon Henri (1923-1945) toen op 17 januari 1945 een V2 insloeg vlakbij hun huis in de Berendrechtstraat in Antwerpen-Kiel.
Bij het huwelijk van zijn oudste dochter Godelieve (1923-2013) in 1948 speelde haar neef J.A. Zwijsen op het orgel.

Joanna Maria Christina Zwijsen

’s Hertogenbosch 1863 – Roterdam 1929

Antonius’ oudere zus Joanna Maria Christina Zwijsen kwam in 1901 aan in Antwerpen met haar man Bartholomeus Hurkmans (Dordrecht 1859 – Alphen a/d Rijn 1943) en hun vijf kinderen. Haar bovengenoemde broer Henri had hier voor hen een huis gehuurd op de Leopold de Waelstraat waar zij zouden kunnen intrekken. Wellicht vertrekken ze later terug naar Nederland. In de indexen van de stad Antwerpen vanaf 1910 komt ze niet meer voor.

Neven en nichten


 

Zwijsen – Koolen

Kinderen van het gezin van Wilhelmus Zwijsen (Berlicum 1824 – Oss 1920) en Anna Koolen die naar Antwerpen kwamen :

Johanna Zwijsen

Driel 1848 – 

In april 1872 arriveerde Johanna Zwijsen vanuit Terheyden in Antwerpen. Deze nicht van Antonius  kwam naar hier als ‘servante’.
Ze huwde op 12 februari 1876 in Antwerpen met Jan Milde, een Nederlander die al in 1869 in Antwerpen aankwam vanuit Keulen.

Marie Henriette Zwijsen

’s Hertogenbosch 1851 –

Eveneens in april 1872, mogelijk enkele maanden later, kwam haar jongere zus Marie Henriette Zwijsen naar Antwerpen. In 1880 werd ze Belgische door haar huwelijk hier met Cornelius Boudewijns (Loenhout 1850 – 1897). Ook zij gaf als beroep op ‘werkvrouw’.

Antoine Zwijsen

’s Hertogenbosch 1858 –

In maart 1877 verliet hun jongere broer Henri Antoine Zwijsen eveneens ’s Hertogenbosch om in Antwerpen aan de kost te komen als ‘menuisier’.

Zwijsen – Van Duppen

Kinderen van Johannes Wilhelmus Zwijsen (1836) en Elisabeth Van Duppen die naar Antwerpen kwamen :

Cornelius Johannes Aloïsius Zwijsen

Heusden 1861 – 1898

Sinds 1882-1883 woonde ook de kozijn van Antonius Zwijsen, Cornelius Johannes Aloïsius Zwijsen, horlogemaker, in Antwerpen. Hij was gehuwd met Maria Elisabeth Nefkens (Hedikhuizen 1861) en in Antwerpen werden alleszins hun kinderen Johannes Wilhelmus Thomas (1884) en Joanna Maria (1888) geboren. 

Jan-Pieter Zwijsen

Heusden 1864 –

In maart 1883 kwam de jongere broer van Cornelius, Jan-Pieter Zwijsen naar Antwerpen. Deze zoon van Jan Willem Zwijsen en neef van Antonius gaf als beroep ‘garçon-boulanger’ op.

Het gezin Zwijsen – Jansen


 

Lambert Zwijsen

Berlicum 1830 – Antwerpen 1893

Johan Zwijsen

1877 – 1946

In september 1885 verhuisde Antonius’ nonkel, Lambert Zwijsen, weduwnaar van Joanna Mechelina David, met zijn vrouw Maria Jansen (Boxmeer 1837 – Antwerpen 1928) en zijn zoon Johan Zwijsen vanuit de Hinthamerstraat in ’s Hertogenbosch naar de Lange Beeldekensstraat 95 in Antwerpen. Hij handelde in vleeswaren en kennelijk scheidden Lambert en Maria enkele jaren later.
Wanneer Lambert op 2 januari 1893 in het godshuis Stuyvenbergh overleed stond hij genoteerd als ‘marktkramer’.
Aan Johan Zwijsen hebben we een apart artikeltje gewijd.

Doodgevrozen.

De persoon welke Maandag morgen gevonden werd op de vestingen achter het Stedelijk Slachthuis en daags nadien in het St. Walburgisgasthuis overleed, is de genaamde Lambert Zwysen, leurder, wonende ’s Heerenstraat, alhier.

Gazet van Antwerpen, 6 januari 1893