Cantates

Sinjorentrots


tekst : Leo Van de Velde
eerste uitvoering in 1938

Deze cantate voor soli, gemengd koor en symfonisch orkest, werd gecomponeerd om de overwinning te vieren van de Sint Augustinuskring – het latere Augustijnertheater – in de 13de Landjuweelwedstrijd 1937-1938 in Brussel. De groep speelde ‘Wolven’ van Romain Rolland, oorspronkelijk in een regie van Lode Geysen, hoewel die ten tijde van het Landjuweel zelf ziek lag te Davos in Zwitserland. 
De cantate werd voor het eerst uitgevoerd op de ‘Luisterrijke Feestvergadering ter gelegenheid der overwinning in den XIIIe Landjuweelwedstrijd’ op zondag 18 september 1938 in de zaal Concordia in de Lange Gasthuisstraat in Antwerpen. Zwijsen dirigeerde toen naast de Cantate ook zijn Feestmarsch en zijn Judas de Machabeër. Geysen was toen helaas reeds aan zijn ziekte bezweken.

De regisseur van de Augustinuskring, Lode Geysen, en Zwijsen gaven in de jaren 1930 beiden les aan het Sint Henricusinstituut, waar Geysen onder meer de uitvoeringen van Zwijsens kinderoperettes regisseerde.

De cantate werd ook uitgevoerd op 9 mei 1965 door het operettengezelschap de Gildebarden, ter gelegenheid van hun 100-jarig bestaan. Het orkest was samengesteld uit leden van de Philharmonie van Antwerpen. Zwijsen dirigeerde het geheel en voerde vooraf met het orkest zijn Feestouverture uit.

“Alhoewel het koor niet in verhouding stond tot het aantal musicerenden van de orchestratie, verzorgd door de Philharmonie van Antwerpen, kon men nu reeds aanvoelen, dat het stuk met een voltallige bezetting (85 man) iets enigs moet zijn. Nu reeds oogste zij een machtig sukses, dat de lof van het ‘Preludio Dramatico’ van dezelfde toondichter en onlangs opgevoerd onder de dirigent De Burgos, ruimschoots evenaart.”

Gazet van Antwerpen, 10 mei 1965.

Zwijsen van van 1960 tot 1967 muzikaal directeur van de Gildebarden.

De Lente is in ’t Land


tekst : Jos Zwysen
Eerste opvoering in 1957

Deze ‘Kantate voor Soli, Groot Koor, Kinderkoren en Orkesten’ werd voor het eerst opgevoerd op zondag 2 juni 1957 in openlucht te Schoten ter gelegenheid van het Scholenfeest in Schoten.
J.A. Zwijsen dirigeerde zelf de uitvoering. Arthur Verhoeven speelde de orgelpartij. De solisten waren de sopraan Leila Gardy, tenor H. De Caerlé, bas Ramaz-Celin en bariton Hendrik Zwijsen.
Werkten verder mee de harmonie St-Cecilia, het gemengd koor Verbroedering, het gemengd koor Gudrun, het kerkkoor St-Philippus en het groot koor Bloemendaal.